Ccgforum's Weblog

Just another WordPress.com weblog


1 reactie

“Receptor modulatie” werkt echt

Al enkele jaren werk ik volgens de hypothese dat de homeopatische bereiding van signaalstoffen in het lichaam (hormonen, neurotransmitters etc.) in staat zijn om verminderde functie van de receptoren van betreffende signaalstoffen te resetten. Het baanbrekende werk van prof. G. Csaba en zijn onderzoeksgroep in Hongarije heeft aangetoond dat er veel factoren zijn die ervoor kunnen zorgen dat de gevoeligheid van specifieke receptoren afnemen en blijvend kunnen afnemen. De meest kwetsbare periode voor dit fenomeen is de periode van de zwangerschap (voor m.n. de baby), de geboorte en de eerste fase daarna. De blogs over “Oxytocine” zijn hiervan een specifieke uitwerking.

receptors

Onderstaande casus is een voorbeeld van de enorme mogelijkheden van deze werkwijze. De cliënt die hieronder zijn verslag doet is gelijktijdig behandeld op een 3-tal receptoren: GABA (Gamma-aminoboterzuur – de belangrijkste inhalerende en daarmee stabiliserende neurotransmitter), Serotonine en Dopamine.

Testimonial:

In het najaar van 2013, nu drie jaar geleden meldde ik me bij Wim met recidiverende depressieve episodes, vaak meerdere per jaar over een periode van tien jaar.
Ik had klachten van somberheid, slecht in en doorslapen, moeheid, onzeker, labiel, traag in denken en handelen, moeite met initiatief nemen, behoefte aan meer alcohol, prikkelbaar en soms achterdocht.De episodes duurden tussen enkele weken tot enkele maanden.  Depressie werkt invaliderend op alle vlakken, zowel privé als professioneel.
Ik heb die depressies als heel belastend ervaren voor mezelf maar vooral ook voor de mensen in mijn omgeving, m’n vrouw en kinderen en m’n collega’s.
In die tien jaar dat ik de depressies had,gebruikte ik als mijn vrouw en ik de eerste signalen herkende, een constitutie middel, en ging ik meer sporten, gaf niet toe aan de verhoogde behoefte aan alcohol, zorgde dat ik een goed dagritme had, zorgde goed voor mezelf en bracht de werkbelasting iets terug.
Maar het telkens terugkeren van de depressies meestal op onverwachte momenten, is zeer belastend. In het najaar 2013 heb ik contact opgenomen met Wim.
Een uitgebreide intake volgde en aansluitend hierop een voorgestelde behandeling.
De voorgestelde behandeling had vrij snel resultaat, binnen vier weken was de depressie die ik toen had , grotendeels in remissie, en in de maand daarna was de depressie in remissie. Ik heb Wim in totaal vijf keer gesproken gedurende de behandeling die een half jaar duurde. Daarna heb ik van de voorgeschreven middelen alleen nog een multivitamine gebruikt in de herfst en winter.
Ik heb de begeleiding en behandeling door Wim als uitermate prettig, en professioneel ervaren.
Beste Wim hartelijk dank nogmaals.


Een reactie plaatsen

Neurotransmitters en Gezondheid

De komende tijd zal ik met regelmaat berichten over bijzondere ontwikkelingen in de praktijk. Ontwikkelingen die alles te maken hebben met neurotransmitters, signaalstofjes in het lichaam die zorgen voor overdracht van zenuwimpulsen. Deze ontwikkelingen hebben verstrekkende gevolgen voor de natuurlijke behandeling van alle mogelijk aandoeningen, waaronder ook tal van psychische en psychiatrische stoornissen.

Belangrijk is dat de werking van alle signaalstofjes in het lichaam altijd gebaseerd zijn op de hechting aan stofspecifieke receptoren. Serotonine, een neurotransmitter die voor velen wel bekend is vanwege de relatie met depressieve klachten, werkt alleen als het kan aanhechten aan serotonine-receptoren. Voorwaarde is dan dat deze receptoren een juiste gevoeligheid voor serotonine hebben. Een verminderd serotonine effect kan derhalve te maken hebben met ofwel en verminderde aanmaak van de stof zelf óf een verminderde gevoeligheid van de receptoren of een combinatie van beiden.

Een voor veel mensen algemeen bekend voorbeeld van een verminderde receptor gevoeligheid is Diabetes mellitus type II, ook wel ouderdomssuiker genoemd. Deze mensen produceren als regel voldoende insuline, vaak zelfs te veel, maar de insuline receptoren zijn verminderd gevoelig voor de lichaamseigen insuline waardoor het effect, i.c. de opname van glucose in cellen, verstoord is en er een te hoge concentratie aan bloedglucose ontstaat (=Diabetes).

Al eerder op deze blog schreef ik over de verstrekkend gevolgen die het gebruik van weeënopwekkers bij de bevalling kunnen hebben voor de baby. Hiervoor wordt een synthetische variant van het humane hormoon oxytocine gebruikt.

Volgens het baanbrekende werk van de Hongaarse onderzoeksgroep o.l.v. de inmiddels emeritus hoogleraar prof. György Csaba kan dit leiden tot een levenslange verminderde gevoeligheid van de oxytocine receptoren bij de baby. Concreet betekent dit dat dit kind (en later de volwassene) levenslang minder effect heeft van de eigen oxytocine productie. Met alle dramatische gevolgen van dien.

Lees maar eens het boek van Kerstin Unvas Moberg “De Oxytocine Factor“, dan realiseer je je hoe ingrijpend de consequenties zijn van een verminderd oxytocine effect.

En dit geldt zeker niet alleen voor oxytocine. Hierover in de komende blogs meer. In eerste instantie zal ik in een aantal blogs de belangrijkste neurotransmitters en hun rol binnen het menselijk organisme, summier bespreken.

-wordt vervolgd-


Een reactie plaatsen

Casuïstiek: Hoe een te veel aan stress kan leiden tot slapeloosheid!!

Verslag van een patiënt:

Ik ben een vrouw van 46 jaar en kreeg vanaf mijn 40ste al last van overgangsverschijnselen. Mijn menstruatie’s werden steeds onregelmatiger en ik sloeg ook steeds meer maanden over. Bij de gynaecoloog heb ik dit laten testen en daaruit bleek dat ik in de overgang zat. Hiernaast had ik een drukke partime baan in het onderwijs en twee jonge kinderen. In deze jaren begonnen ook mijn ouders te kwakkelen met hun gezondheid. Mijn vader kreeg Alzheimer in een versneld tempo en opname in een verpleegtehuis liet niet lang op zich wachten. Binnen een half jaar herkende hij niemand meer. Hier had ik het erg moeilijk mee. Mijn moeder was hierdoor ook erg eenzaam. Ze werd steeds depressiever. Dit bracht enorm veel zorg van mijn kant met zich mee.

Ik had dus niet alleen gewone stress maar ook veel emotionele stress.

In april 2009 kwam mijn vader te overlijden. En nog datzelfde jaar maakte mijn moeder een einde aan haar leven. Dit was een enorme klap.

Mijn lichaam leek toen volkomen op de kop te staan. Voelde me vreselijk. Maar ik dacht gewoon door gaan.

Maar dit bleek niet zo te werken.

In jan. 2010 kreeg ik van de ene op de andere dag last van slapeloosheid. Dit varieerde van heel laat inslapen tot hele nachten wakker zijn. Dit kon soms wel 3 dagen achter elkaar aanhouden. Ook werden mijn overgangsklachten steeds erger. Ik had heel veel opvliegers en vaak last van hoofdpijn. Ook deze verschijnselen hielden mij uit de slaap. Ook had ik erg veel last van mijn maag. Zin in eten had ik totaal niet en als ik wel had gegeten dan had ik hier veel last van. Ben in deze periode nog twee maanden doorgegaan maar toen kon ik ook niet meer. Ik was doodmoe en ben toen in de ziektewet gegaan. In deze maanden kwam ik wel wat tot rust en ben herhaaldelijk bij mijn huisarts geweest, want ik kwam maar niet van die slapeloosheid af. Mijn huisarts schreef antidepressiva en een slaapmiddel voor. En zei dat ik een burn-out had.  Die moest ik maar gaan gebruiken dan kwam alles goed. Maar hier wilde ik niet aan verslaafd raken.  Mijn ouders hadden deze medicijnen ook veel te veel gebruikt en ik wist wat dit voor effect op hun leven had gehad. Ik bleef dus zoeken naar een andere oplossing. Heb toen een psycholoog bezocht. Maar die had niet het gevoel dat het geestelijk was. Ben toen maar naar het slaapcentrum in Zwolle geweest voor onderzoek. Toen ik daar kwam zei de neuroloog dat ze iedereen konden helpen met slaapproblemen. Nou dit heb ik niet gemerkt. Na 3 dagen onderzoek was de enige conclusie die zij konden stellen  dat ik niet in de diepe slaap kwam en dat ik toch maar weer naar een andere psycholoog moest en aan een kuur antidepressiva moest beginnen. Dit was een enorme teleurstelling. Ik ging mij steeds meer afvragen;” Wie gaat mij nu nog helpen?” Inmiddels leed ik aan chronische slapeloosheid.

In deze periode ben ik ook een paar keer bij een acupuncturist geweest. Als ik daar was geweest voelde ik mij wel wat beter maar het was niet voldoende om weer goed te kunnen slapen.

Op het internet kwam ik toen een artikel tegen over neurofeedback. En zo ging ik informeren bij het CCG. En zo kwam ik bij Wim Gelderblom terecht. (Ben overigens nooit begonnen met neurofeedback. Dit was in mijn geval niet nodig)

Totaal uitgeput zat ik bij Wim op het speekuur. Het was inmiddels bijna een jaar verder. Maar het voelde voor mij als thuiskomen. Wim had alle tijd en voor het eerst had ik het idee dat er echt naar me geluisterd werd en dat wat ik voelde wel degelijk op waarheid beruste.

Ik heb een haaranalyse laten doen en daaruit bleek dat mijn lichaam zich in de uitputtingsfase bevond. Hier stond ik niet echt van te kijken.

We zijn aan de behandeling begonnen. En ik merkte al snel dat het veel beter met mij ging. Ik kreeg weer wat energie en het slapen ging ook steeds beter. Ook ging ik weer naar mijn werk. Hier kreeg ik ook weer zin in.

Tijdens de behandeling mocht ik Wim altijd bellen als het even niet goed met mij ging.  Dit was heel erg fijn. Bij welke arts mag je tegenwoordig dag en nacht aankloppen.

Maar helaas kreeg ik in jan. 2011 weer een terugval. Het slapen ging weer heel slecht. Dit was echt balen. We waren toch zo goed op weg met mijn herstel.

Met mijn hormonale cyclus wilde het nog steeds niet vlotten. Had inmiddels al weer een half jaar niet gemenstrueerd. Had weer veel opvliegers zowel dag en nacht en had weer veel hoofdpijn. Begon toch weer het gevoel te krijgen dat dit ook met het niet kunnen slapen te maken had.

Wim kon dit wel bevestigen en is mij toen ook hiervoor gaan behandelen. En sinds ik daar natuurlijke medicatie voor gebruik gaat het slapen veel beter. Ik kreeg weer menstruatie en het slapen ging meteen veel beter.

Inmiddels ben ik een half jaar onder behandeling van Wim en in afwachting van mijn tweede haaranalyse en ben zeer hoopvol gestemd over de toekomst.

Ik zit nu weer goed in mijn vel en heb weer energie voor alles. Geniet weer van het leven en slaap momenteel weer zoals ik gewend was.

Ben heel blij dat ik bij het CCG terecht ben gekomen en ben Wim in het bijzonder erg dankbaar voor deze voor mij zeer positieve behandeling.

Anoniem


7 reacties

Koper/Zink balans 1

Er zijn factoren in onze moderne tijd die een immense invloed hebben op de volksgezondheid en desondanks door veel artsen en therapeuten over het hoofd worden gezien. Eén van die factoren is de koper/zink balans. Klachten als hoofdpijn, vermoeidheid, slapeloosheid, depressies, obsessief compulsieve stoornissen, huiduitslag, leer en/of gedragsstoornissen, premenstruele klachten, uitblijvende bevalling (zwangerschap), ongewenste kinderloosheid, hoge bloeddruk, spierkrampen, slechte weerstand, premenstrueel syndroom etc. kunnen samenhangen met c.q. veroorzaakt worden door een verstoring van de koper/zink balans.

Koper en zink zijn zogenaamde antagonisten, dat wil zeggen dat een tekort aan zink automatisch het risico inhoud van een teveel aan het element koper in ons lichaam. Je zou kunnen zeggen dat beide mineralen in het lichaam elkaar in balans moeten houden. Verstoring van deze balans is een extreem veel voorkomende onbalans bij de mens, en zoals gezegd, het wordt veelal gemist. Gedeeltelijk komt dit uit onwetendheid en voor een ander deel doordat het probleem lastig te detecteren is.

Koper is een essentieel spore-element in het menselijk lichaam en het is van vitaal belang voor zowel lichamelijke als psychische gezondheid. Er ontstaan echter problemen wanneer er teveel koper in de weefsels in het lichaam blijft, we noemen dat koperstapeling. Zinktekort speelt hierbij o.a. een belangrijke rol. Een tekort aan het mineraal zink is een zeer wijdverbreid probleem. Hier zijn allerlei redenen voor aan te geven als medicijngebruik (bv. de anticonceptiepil), gebruik van geraffineerde suikers (volgens het CBS in Nederland gemiddeld 70 kg/hoofd v.d. bevolking/jaar), verminderde inname met de voeding etc.

De komende periode zal ik in een reeks van blogs dit thema bespreken.


1 reactie

“Hechting begint ver voor de geboorte” (ND 291009)

Onder deze kop doet het ND verslag van een drukbezochte bijeenkomst van de Algemene landelijke vereniging voor Hechtingsstoornissen in Amersfoort. Op deze bijeenkomst sprak de Vlaamse babypsychotherapeut Rien Verdult. Hij stelt dat de klassieke hechtingstheorie, als zou hechting pas beginnen als het kind 6-8 maanden oud is, onjuist is. Overtuigende waarnemingen ondersteunen zijn stelling dat de hechting zich prenataal (=voor de geboorte) ontwikkelt. “Hechtingspatronen worden in de baarmoeder in aanleg geprogrammeerd op grond van concrete ervaringen met het lichaam en de psyche van de moeder.” Hij beweert zelfs dat de conceptie een “eerste en zeer fundamentele stap” is in het proces van hechting. Ook de bevalling is een kritisch moment in het hechtingsproces.

De visie van Verdult is ons uit het hart gegrepen. Binnen onze praktijk en binnen onze vakgroep zien we deze patronen al vele jaren. De ervaring leert, alle scepticisme ten spijt, dat correct toegepaste homeopathie zich bijzonder goed leent om dit soort hechtingsproblematiek op te lossen. Dit is des te overtuigender aangezien baby’s en zeer jonge kinderen niet gehinderd worden door auto-suggestie en dus het effect op het mentaal-emotionele functioneren van het kind als een objectieve reactie op de medicatie kan worden gezien, maar dit terzijde.

Er zijn zeer veel en markante behandelresultaten bereikt door de toestand van de moeder tijdens de zwangerschap en/of de bevalling als uitgangspunt te nemen voor de homeopathische beeldvorming. Homeopaten zijn gewend te denken in termen van patronen, en doorgaans is het voor hen niet moeilijk om parallellen te zien tussen het patroon dat de zijnstoestand van de moeder tijdens de zwangerschap typeert en het patroon dat herkenbaar is in het functioneren van de baby of het (kleine) kind.

Zo behandelde ik jaren geleden een jongen van 17 met zeer ernstige slaapstoornissen. Volgens zijn zeggen zou hij dat al vanaf z’n geboorte hebben. Voor ons is het dan normaal om de eerste 9 maanden van het leven (in de baarmoeder) bij de beeldvorming te betrekken. Navraag bij de moeder gaf aan dat ze in de 3e maand van de zwangerschap ernstig geschrokken was omdat haar man toen voor het eerst een epileptische aanval kreeg in de nacht. Ze zei zich ‘doodgeschroken’ te zijn, wat voorstelbaar is wanneer je eens een ‘Grand Mal’ epileptische aanval hebt meegemaakt. Dagenlang was ze van slag, zo vertelde ze later. Ik heb de jongen toen het homeopathisch middel (Opium) voorgeschreven, omdat ik dat middel gegeven zou hebben aan de moeder als ze destijds bij mij gekomen was. Z’n slaapprobleem was in no time over.

Dit is een extreem voorbeeld, maar er zijn talloze die deze ervaringen bevestigen. Ook allerlei vormen van hechtingsstoornissen zijn op een vergelijkbare manier uitstekend vroegtijdig op te lossen.

Dit onderstreept ook het belang van een rustige en emotioneel stabiele zwangerschap, indien mogelijk. Natuurlijk kunnen er ingrijpende dingen gebeuren in het leven van de a.s. ouders waardoor heftige emoties niet te vermijden zijn. In dat geval getuigt het van verantwoordelijkheidsgevoel en inzicht als de jonge ouders gewapend met deze kennis bij de eerste tekenen van disfunctioneren van hun baby deskundige hulp inroepen. Zo zouden onder andere contact- en angststoornissen, depressiviteit en ADHD voorkomen kunnen worden.


2 reacties

Hebben we meer Jodium nodig dan onze voorouders?

Het antwoord is ‘Ja’. Afgezien van het feit dat de ingestelde ADH waarde van 150 mcg/dag (=0,15 mg) slechts net voldoende is om te voorkomen dat mensen struma of ‘krop’ ontwikkelen is het een verre van optimale dosering. Zie vorige blog over jodium.

Daarnaast is het volgende van belang. Jodium behoort chemisch gezien tot een groep stoffen die worden aangeduid als de ‘Halogenen’. De andere belangrijke vertegenwoordigers van deze groep zijn Fluor, Broom en Chloor. Naast het feit dat de jodium in JOZO zout slechts voor circa 10% door het lichaam wordt opgenomen en dat we de laatste decennia aan alle kanten geadviseerd zijn om vooral minder zout te eten omdat zout slecht zou zijn voor hart- en vaten, is ons leefmilieu in onze moderne tijd vergeven van de lichaamsvreemde en toxische (=giftige) stoffen. Hieronder zijn veel stoffen die tot de genoemde halogenen behoren. Dr. David Brownstein in de US heeft in zijn praktijk bij 100% van de onderzochte mensen vastgesteld dat ze een veel te hoog gehalte broom in het lichaam hadden. Er was een directe correlatie tussen de hoogte van de broom belasting en de ernst van de ziektetoestand. Broom behoort tot de toxische elementen voor het menselijk lichaam en zou ten allen tijde moeten worden vermeden. Toch wordt broom in tal van zaken toegepast.

Broom wordt toegepast in haarverzorgingsmiddelen, vooral productie die moeten zorgen voor een sterke fixatie bevatten veelal broom. In vlamvertragers, waardoor het toegepast wordt in allerlei materialen die we in huis kunnen hebben, zoals venyl behang, vloerbedekking, in matrassen, etc. Er zijn paradoxaal genoeg diverse geneesmiddelen die broom bevatten, waaronder het veel gebruikt Bisolvon (een slijmoplosser), Impromen (een antipsychoticum), Parlodel (een borstvoedingsremmer in kleine doseringen en in hoge doseringen een anti-Parkinson middel). Het wordt gebruikt voor het bleken van textiel, bij bak- en brouwprocessen en in tal van bestrijdingsmiddelen. Tot en met 1991 werd broom (in de vorm van kaliumbromaat E924) gebruikt in brood. Vanaf 1992 is dat bij wet in Nederland verboden vanwege de negatieve gevolgen voor de gezondheid. Het betekent wel dat we tot die tijd aan onnodige broom belasting via de voeding hebben blootgestaan. Optimalisering van het jodiumdepot leidt bij vrijwel iedereen tot een verhoogde uitscheiding van het toxische broom via de urine.

Er wordt veelvuldig gebruik gemaakt van allerlei industriële chloorverbindingen waaronder de zo schadelijke perchloraten. Het gebruik van fluor in de tandheelkunde is algemeen bekend, minder bekend is dat het een veel gebruikt ingrediënt is in tal van geneesmiddelen waaronder het ‘populaire’ antidepressivum Prozac.

Andere medicijnen die fluor bevatten zijn: Rohypnol (flunitrazepam), Diflucan (fluconazol), Flixonase of Flixotide (fluticason), Terfluzine (trifluoperazine), Fluanxol (flupentixol) of Floxapen of Stafoxil (flucloxacilline).

Voor alle halogenen geldt dat ze gemakkelijk de plaats van jodium in het lichaam kunnen innemen, vanwege een grote overeenkomst op moleculair niveau. Alleen hebben ze niet het effect wat jodium op die plaatsen zou veroorzaken. Om hieraan het hoofd te kunnen bieden zijn veel hogere concentraties jodium nodig voor dagelijkse inname dan voor onze voorouders gold. Onder deskundigen wordt algemeen aangenomen dat de dagelijkse behoefte anno 2009 eerder in de buurt van de 12-13 mg ((80x meer dan de huidige ADH) zal liggen. Het gevolg van deze hoge inname van jodium zal er o.a. toe leiden dat er een ontgiftingsreactie t.a.v. de genoemde toxische halogenen optreedt.

Hebben kinderen en zwangere vrouwen ook meer jodium nodig? Daarover meer in de volgende blog.