Ccgforum's Weblog

Just another WordPress.com weblog


5 reacties

Serotonine

Serotonine is één van de 4 neurotransmitters die hiërarchisch als de belangrijkste worden gezien. Dat is natuurlijk betrekkelijk want alle schakels in een keten zijn belangrijk, maar toch wordt het wel zo benaderd.

Serotonine is een zogenaamde ‘Monoamine’. Het is een stof die in het lichaam gemaakt wordt uit het aminozuur Tryptofaan in de aanwezigheid van Vitamine B6.

Serotonine speelt een belangrijke rol bij de temperatuurregulatie, functie van de zintuigen, regulatie van stemmingen, het in slaap vallen en het handhaven van de zogenaamde REM slaap. Ook verhoogd het de pijndrempel. Erg hoge concentraties kunnen narcolepsie veroorzaken. Tekorten gaan vaak vergezeld van huidklachten.

Tekorten van het serotonine-effect, ik noem het nadrukkelijk zo omdat het effect afhankelijk is van twee factoren (beschikbaarheid van serotonine én voldoende gevoelige receptoren), kan zich o.a. uiten in de volgende klachten:

  • Angsten
  • Depressies
  • Impulsiviteit
  • Slaapstoornissen, slapeloosheid
  • Obsessies, dwangmatig denken en/of handelen
  • Agressie
  • Verhoogde neiging tot suïcidale gedachten of -gedrag

Maar dan noemen we slechts een beperkt aantal klachten. Er is ook een hele waslijst van lichamelijke klachten die samen kunnen hangen met een serotonine tekort, o.a.:

  • Allergieën
  • Arthritis
  • Rugklachten
  • Koolhydraat verslaving
  • Constipatie
  • Hoofdpijn
  • Hoge bloeddruk
  • Misselijkheid
  • Hoge spierspanning
  • Premenstruele klachten
  • Tinnitis
  • Gewichtstoename

Uit deze korte bloemlezing wordt voldoende geïllustreerd hoe belangrijk serotonine is voor het totale functioneren, zowel mentaal, emotioneel als lichamelijk.

Serotonine heeft een bijzondere relatie met de activerende neurotransmitter dopamine. We spreken van de serotonine-dopamine balans. Hoewel algemeen wordt aangenomen dat ADHD vooral een dopamine probleem is, en dat Ritalin en andere Methylfenidaat-preparaten op de dopamine huishouding werken, klopt dit niet met de feiten. Een in 1999 uitgevoerde wetenschappelijke studie heeft duidelijk aangetoond dat de werking van Methylfenidaat primair op de serotonine stofwisseling is en via de serotonine-dopamine balans indirect ook effect heeft op dopamine.

Op neurotransmitter niveau onderscheiden we 4 subtypes van ADHD. Bij elk van de subtypes is een andere neurotransmitter als prominente factor betrokken.